Auteur Monica Smak
Categorie Rechtspraak

Verval van recht op transitievergoeding na weigering herplaatsing

01/04 2021

Na twintig jaar dienstverband vervalt de functie van werkneemster. Haar werkgever doet verschillende pogingen om werkneemster te herplaatsen in andere functies. Werkgever komt ook aan haar bezwaar tegemoet dat zij alleen in ploegendiensten wil werken. Werkneemster weigert iedere aangeboden functie. Het Hof oordeelt dat de aangeboden functies passend waren waardoor werkneemster ernstig verwijtbaar heeft gehandeld en haar recht op transitievergoeding kwijt raakt.

Feiten
Sinds 2000 is werkneemster in dienst en per 1 september 2019 is haar functie komen te vervallen. Het UWV heeft een ontslagvergunning verleend. De werkgever heeft werkneemster meegedeeld geen transitievergoeding te betalen omdat werkneemster ernstig verwijtbaar heeft gehandeld doordat zij geweigerd heeft een aangeboden passende functie te aanvaarden.

De werkneemster verzoekt de kantonrechter de werkgever te veroordelen tot betaling van de wettelijke transitievergoeding, ter hoogte van €42.448,68. De kantonrechter heeft het verzoek van werkneemster afgewezen. Werkneemster gaat in hoger beroep.

Beoordeling
Vast staat dat de functie van werkneemster van kwaliteitsmedewerker in ploegendienst is komen te vervallen en dat werkgever verschillende functies heeft aangeboden om haar te herplaatsen. Werkneemster heeft deze functies echter geweigerd. De vraag is of de aangeboden functies passend waren.

Werkgever heeft werkneemster meegedeeld dat zij haar eigen werkzaamheden kan blijven verrichten alleen dan in dagdienst. Werkneemster heeft dit geweigerd omdat ze in ploegendienst wil blijven werken. Ook een andere aangeboden functie in dagdiensten heeft werkneemster met dezelfde reden geweigerd. De achterliggende reden voor weigering van de functies is het feit dat haar echtgenoot bij hetzelfde bedrijf in dienst is en wanneer zij geen ploegendiensten meer draait, zij haar werkzaamheden niet meer kan afstemmen op de ploegendiensten van haar echtgenoot, waardoor zij niet meer samen naar het werk kunnen reizen.

Werkgever is aan het bezwaar van werkneemster tegemoet gekomen en heeft haar een functie in ploegendienst aangeboden. Werkneemster is niet op dit aanbod ingegaan omdat zij meende dat van haar verwacht werd dat zij direct na acceptatie haar werkzaamheden moest hervatten. Gelet op haar arbeidsongeschiktheid was zij daartoe niet in staat. Het Hof overweegt dat niet blijkt dat werkneemster haar werkzaamheden per direct zou moeten hervatten. De bedrijfsarts heeft geconcludeerd dat werkneemster niet in staat was om haar werkzaamheden in de aangeboden functie te hervatten. Het hof oordeelt dat werkgever zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat het feit dat werkneemster niet in staat was haar werkzaamheden te hervatten, niet betekent dat zij de aangeboden functie niet had kunnen aanvaarden. Voor zover er belemmeringen waren aan de kant van werkneemster, had zij hierover constructief overleg moeten voeren met werkgever.

Het Hof concludeert dat werkgever werkneemster niet heeft kunnen herplaatsen door haar weigerachtige houding. Naar het oordeel van het Hof is er sprake van ernstig verwijtbaar handelen van werkneemster. Op grond hiervan is de werkgever geen transitievergoeding verschuldigd. Persoonlijke omstandigheden waaronder het twintigjarige dienstverband waarin werkneemster goed heeft gefunctioneerd  maken dit niet anders.

Bij het vervallen van een functie dient de werkgever te kijken naar de mogelijkheden om de werknemer te herplaatsen. De aangeboden functies dienen passend te zijn. Van een passende functie is sprake wanneer deze aansluit bij de opleiding, ervaring en capaciteiten van de werknemer. Deze uitspraak laat zien dat wanneer de werknemer passende functies weigert het gevaar loopt ernstig verwijtbaar te handelen en daarmee het recht op een transitievergoeding te verspelen.

Bron Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 28 januari 2021, ECLI:NL:GHSHE:2021:236